Rob (Friso Wiegersma)


Ik heb van m'n ouders, God hebbe hun ziel
Teveel aan fatsoen meegekregen voor later
Ik heb 'r meer last dan plezier van gehad
En 't meest weerzinwekkende voorbeeld is Rob
Ik kende 'm pas, toen al bleek wat 't was
Een zeurende trut van 't zuiverste water
Die altijd weer aankwam en nooit was gevraagd
En door mijn fatsoen zei ik nooit: "Lazer op"

Maar soms werd het ook mijn fatsoen wat te veel
Dan deed ik met zo'n smoel de deur voor 'm open
Dan zei 'ie: "Wat heb je? Je kijkt zo bedrukt
Je leeft veel te eenzaam, dat maakt iemand zuur
Maar goed dat ik langs kwam, dat fleurt je wat op
Ik moest eigenlijk vaker eens langs komen lopen"
Dan daalde z'n kont langzaam neer in mijn stoel
En plakte daar vast voor de eerste paar uur

refrein.:
Klop-klop, daar is Rob
Met een bord voor z'n kop
In die kop zit niemendal
Dat belet hem niet te lullen
Z'n jenever-glas te vullen
Tot ik bijna toe ben aan een hartaanval
Dan zegt 'ie: "Nou, tot gauw
Ik heb je toch niet opgehouwen Nou, tot gauw"
"Dag Rob"
Lazer op Lazer op Lazer op
Bord voor z'n kop

Een keer, toen 'ie langskwam, schoot ik in m'n jas
Ik dacht 'm 'ns listig een keer te ontlopen
Ik zei: "Da's nou jammer, ik moet op bezoek"
Toen zei 'ie: "Dan loop ik zover met je op"
Ik belde in wanhoop bij iedereen aan
Hij zei: "Maar wat gek he, d'r doet niemand open
Da's ook niet zo netjes". Aan 't eind van 't lied
Zat hij in mijn stoel met dat bord voor z'n kop
En eens, toen ik met een intieme vriendin
juist bezig was nog wat intiemer te worden
Toen bleef 'ie aan 't bellen, tot gek-wordens toe
En zei toen: "Hallo, ik hoop niet dat ik stoor
Mevrouw is familie, ja, dat zie je meteen
Nee, ik neem wel een stoel hoor, da's prima in orde
Laat mij jullie niet storen, bij dat wat je deed
Ik ben er niet hè, gaan jullie rustig door"

't Werd een obsessie, ik droomde van Rob
Een droom waar ik bij in mijn zweet lag te baden
Dan was ik een vlieg en volkomen verlamd
En zat op de stoel die door Rob werd bezet
Dan zag ik dat machtige achterkwartier
Verpletterend neerkomen zonder genade
Steeds nader, steeds nader, tot ik met een gil
(Ik was maar een vlieg)
En puilende ogen omhoog schoot in bed

Maar laatst belde Kees op, die zei: "Weet je 't al
Ze bouwen die flats toch, wat wil nou gebeuren
Daar lazert een hijsblok boven op Rob
Zo dood als een pier joh, wat had je gedacht"
Die nacht sliep ik goed maar daarna begon Rob
Als dooie zo vreselijk vervelend te zeuren
Te schuiven met stoelen, geklop op de deur
Geen oog doe ik dicht en ik droom iedere nacht

Klop-klop, ben jij dat Rob
Met een bord voor z'n kop
Zwerft 'ie nou door 't heelal
Dat belet 'm niet te zeuren
Door te zeuren, uit den treuren
Tot ik bijna toe ben aan een hartaanval
Daar is 'ie en ik wou
Dat 'ie nou maar 'ns op wou houwen, nou
Klop-klop, klop-klop
Daar is Rob Daar is Rob Daar is Rob
Nog steeds een bord voor z'n kop

Homepage Wim Sonneveld

Meer teksten